Instantie: Rechtbank ‘s-Gravenhage, 23 oktober 1997

De rechtsontwikkeling is thans nog niet zover dat ongehuwd duurzaam samenlevenin juridische zin gelijk gesteld moet worden aan het huwelijk. Door hetonderscheid te gronden op het door… Lees verder →

Instantie: Gerechtshof ‘s-Gravenhage, 5 januari 1996

Blijkens de toelichting op het amendement Van der Burg (Tweede Kamer1992/1993, 22.170, nr. 15) dat tot de opneming in de wet van het voorschrift,dat beëindiging van de alimentatie… Lees verder →

Instantie: Hoge Raad der Nederlanden, 29 april 1994

Tegen de beschikking van het Hof Leeuwarden van 27 oktober 1993 (RN 1994,nr. 403) heeft de man cassatie ingesteld. Het hof oordeelde dat artikel1:160 BW niet van toepassing is wanneer… Lees verder →

Instantie: Hoge Raad der Nederlanden, 12 februari 1993

De man heeft kort na het starten van de echtscheidingsprocedure eenauto gekocht voor zijn werk, waarvoor hij een bedrag van ƒ 25.000,- moetfinancieren.De kosten die de man… Lees verder →

Instantie: Gerechtshof Amsterdam, 7 mei 1992

M en V hebben van februari 1989 tot het voorjaar van 1991 een affectieverelatie met elkaar gehad. V is zwanger geraakt van een kind waarvan M deverwekker is. M heeft V meegedeeld bereid… Lees verder →

Instantie: Kantonrechter Haarlem, 8 januari 1992

Vier jaar na de echtscheiding komt de man in debijstand. De Kantonrechter wijst het verzoek van de gemeenteom een gedeelte van de kosten van de bijstand op de vrouw teverhalen… Lees verder →

Instantie: Kantonrechter Leeuwarden, 6 december 1990

Verzoekster wil dat gedaagde ƒ 180,– aan haar betaalt omdat zij aanhaar ex-man een bijstandsuitkering betaalt. Verweerster weigert dit omdat ergeen causaal verband bestaat tussen de… Lees verder →

Instantie: Hoge Raad der Nederlanden, 1 december 1989

Een nihilbeding ten aanzien van levensonderhoud voor kinderen in eenechtscheidingsconvenant is nietig. In 1983 is de echtscheidinguitgesproken, De vrouw is tot voogdes, de man tot… Lees verder →

Instantie: Hoge Raad, 10 november 1989

De alimentatieplichtige vader kan zich niet kwijten van zijnalimentatieverplichtingen door het rechtstreeks geven van geld of goederenaan zijn kinderen. Lees verder →

Instantie: Hoge Raad, 27 oktober 1989

De behoeften van de kinderen en de draagkracht van de tot uitkeringverplichte persoon, in casu de vader, zijn de enige factoren waarmeerekening mag worden gehouden bij de verplichting… Lees verder →