Marjan Wijers en Joke Swiebel: Kabinet dwingt sekswerkers de illegaliteit in, NRC 31 oktober 2017

Sekswerkers worden overgeleverd aan criminelen schrijven Marjan Wijers en Joke Swiebel in een Opinie-artikel in NRC-Handelsblad.

Brieven over voorgenomen compensatieregeling zwangere zelfstandigen

Samen met de FNV en het Proefprocessenfonds Clara Wichmann heeft de VVR brieven geschreven over de voorgenomen compensatieregeling voor zwangere zelfstandigen 2004-2008.
De organisaties zijn blij dat minister Asscher heeft besloten om een compensatieregeling te treffen en dringen aan op een aantal verbeteringen in de uiteindelijke regeling. Een daarvan is dat de regeling moet gaan gelden voor alle zelfstandige werkende en meewerkende vrouwen die in de periode 1 augustus 2004 tot 2008 wel een kind, maar geen uitkering hebben ontvangen.

Brief aan minister Asscher over compensatieregeling zwangere zelfstandigen d.d. 21 oktober 2017.

De brief aan de vaste commissie voor sociale zaken en werkgelegenheid van de Tweede Kamer in PDF.

Brief aan vaste commissie voor sociale zaken en werkgelegenheid van de Eerste Kamer in PDF

Persbericht VVR, FNV en Proefprocessenfonds: Compensatie voor 20.000 vrouwelijke ondernemers met kind

Na een jarenlange juridische strijd van de FNV, Vereniging voor Vrouw en Recht en Proefprocessenfonds Clara Wichmann, heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) vandaag besloten dat vrouwelijke zelfstandigen die tussen 7 mei 2005 en 4 juni 2008 zijn bevallen, alsnog een beroep kunnen doen op een compensatie die circa 5.600 euro per persoon zal bedragen. Dit heeft Minister Asscher van SZW vandaag laten weten aan de Eerste en Tweede Kamer. Het UWV zal de regeling gaan uitvoeren.

Irene van Hest van FNV Zelfstandigen: ‘Deze uitkomst laat het belang zien van onze vakbeweging. Alleen met de steun van onze leden kunnen wij dit werk doen. Ik ben opgelucht dat er nu een definitieve regeling komt voor alle vrouwen.’ Leontine Bijleveld van de Vereniging voor Vrouw en Recht vult aan: ‘Zo meteen kunnen naar schatting 20.000 vrouwen in aanmerking komen voor de regeling, dat is een geweldige overwinning.’ Zodra de regeling is gepubliceerd, hebben de vrouwen drie maanden de tijd om een aanvraag in te dienen.

Zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en meewerkende echtgenotes die tussen 7 mei 2005 en 4 juni 2008 zijn bevallen, krijgen recht op compensatie. Anniek de Ruijter, voorzitter Proefprocessenfonds Clara Wichmann: ‘We zijn echt ontzettend blij met deze uitkomst. De compensatie gaat ongeveer 5.600 euro bedragen en dat is niet niks.’ Het bedrag komt overeen met de gemiddelde uitkering die bevallen zelfstandigen in 2016 hebben gekregen.

Zelfstandigen die vallen onder de regeling kunnen nu nog geen aanvraag indienen bij UWV. Eerst dient de Centrale Raad van Beroep (CrvB) zich definitief uit te spreken over de zaak. Ook moet de ministeriële regeling formeel worden gepubliceerd. Wanneer er duidelijkheid is over de ingangsdatum van de regeling, zal UWV de aanvraagperiode via de eigen kanalen kenbaar maken.

Noot voor de redactie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
FNV Zelfstandigen, Irene van Hest, 06-83892981
Proefprocessenfonds Clara Wichmann, Anniek de Ruijter, 06-34319247
Vereniging voor Vrouw en Recht, Leontine Bijleveld, 0517-579011

CRvB 27 juli 2017: rechtstreekse werking art. 11 lid 2 sub b VN-Vrouwenverdrag

In een tussenuitspraak oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat de afschaffing van de WAZ-zwangerschaspsuitkering strijdig is met VN-Vrouwenverdrag art 11 lid 2 sub b. Volgens de CRvB moet passende compensatie worden geboden, termijn van 16 weken om aan verdragsverplichting te voldoen; ECLI:NL:CRVB:2017:2461

Brief aan vaste commissie OCW Tweede Kamer over keuze partnerschappen emancipatiebeleid, 18 mei 2017

Tijdens het reces informeerde de minister voor emancipatie de Tweede Kamer bij brief (24 april 2017) over haar keuze voor strategisch partnerschappen emancipatiebeleid voor de periode 2017-2022 – Kamerstukken II, 30420, nr. 258.

De VVR zond de leden van de vast commissie OCW een reactie, mede namens de andere partners van de afgewezen Alliantie Vrouw & Recht (het Netwerk VN-Vrouwenverdrag en Femmes for Freedom). Hier vind u de brief in PDF:

 

 

Uitspraak Centrale Raad van Beroep over uitkeringen voor zwangere zelfstandigen

Op donderdag 27 juli 2017 heeft de CRvB uitspraak gedaan in de gevoegde zaken van drie van de zelfstandigen zonder zwangerschapsuitkering. Rechtbank Midden Nederland vond dat het UWV ten onrechte de aanvraag voor een uitkering had afgewezen van een klaagster die in de individuele klachtprocedure bij CEDAW in het gelijk was gesteld. Rechtbank Amsterdam had het UWV gelijk gegeven in zijn weigering. De CRvB volgde in een goed gemotiveerde uitspraak Rechtbank Midden Nederland. Afschaffing van de zwangerschapsuitkering in 2004 zonder compensatie of overgangsmaatregel was in strijd met het Vrouwenverdrag. Vrouwen kunnen zich rechtstreeks op het VN-Vrouwenverdrag beroepen.

De CRvB publiceerde een persbericht over de uitspraak, die zelf op rechtspraak.nl gepubliceerd is onder nummer: ECLI:NL:CRVB:2017:2361

Persbericht: Na jaren juridische strijd gerechtigheid voor zwangere zelfstandigen

Zelfstandig werkende vrouwen die tussen augustus 2004 en juni 2008 een kind kregen, moeten alsnog een uitkering ontvangen voor de 16 weken rond de bevalling. Dat is het oordeel van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) op donderdag 27 juli 2017 in een tussenuitspraak. De consequentie is dat alle zelfstandig werkende en meewerkende vrouwen (zo’n 17.000) die in deze periode een kind hebben gekregen, alsnog in de toekomst een uitkering kunnen aanvragen bij het UWV. De Raad heeft het UWV 16 weken de gelegenheid gegeven om de uitspraak uit te voeren. Daarna zal de CRvB de zaak opnieuw beoordelen.

Tot 1 augustus 2004 konden zwangere zelfstandigen een zwangerschapsuitkering krijgen. Daarna is deze regeling geschrapt. Pas in juni 2008 werd een nieuwe voorziening opgenomen in de Wet Arbeid en Zorg, maar zonder terugwerkende kracht. Het afschaffen van de uitkering stuitte onmiddellijk op protest. Toen dat niets uithaalde, maakte in 2005 de FNV samen met het Proefprocessenfonds Clara Wichmann en zeven FNV-leden een procedure aanhangig tegen de Staat om de afschaffing ongedaan te maken.

Dit lukt in eerste instantie niet. De Hoge Raad oordeelde in 2011 dat op de Staat geen zorgplicht rust om een voorziening te treffen in verband met de inkomstenderving van zwangere zelfstandigen.  Voorts vond de Hoge Raad dat geen beroep kon worden gedaan op het VN Vrouwenverdrag. Hierna hebben zes vrouwen de zaak doorgezet met behulp van het Proefprocessenfonds Clara Wichmann en de Vereniging voor Vrouw en Recht. Samen dienden ze een klacht in bij het CEDAW – het comité dat toezicht houdt op de naleving van het VN Vrouwenverdrag.

Hier vonden ze wel gehoor. In 2014 oordeelde het CEDAW dat de Nederlandse staat de rechten van zwangere vrouwen heeft geschonden door geen voorziening te treffen voor de periode 2004-2008. Daarmee heeft de Staat gehandeld in strijd met art. 11 van het VN Vrouwenverdrag, aldus het CEDAW. Dit is discriminatie van vrouwen. De Staat is verplicht alsnog een voorziening te treffen. Ondanks het duidelijke standpunt van het CEDAW bleef de Staat weigeren de betreffende vrouwen schadeloos te stellen. Vervolgens hebben de zes klaagsters alsnog een uitkering aangevraagd bij het UWV.

In juli 2016 oordeelde de rechtbank Amsterdam in twee gevallen dat er geen reden was om een geldelijke vergoeding toe te kennen. Een andere klaagster (lid van FNV Zelfstandigen) kwam terecht bij de rechtbank Midden-Nederland. Deze volgde wel de uitspraak van het CEDAW en kende een uitkering toe. Zowel de twee klaagsters als het UWV gingen tegen deze uitspraken in hoger beroep bij de CRvB. De Raad heeft de zaak op 16 juni 2017 behandeld en is vandaag tot een tussenuitspraak gekomen. De CRvB heeft de vrouwen op alle punten gelijk gegeven, maar geeft UWV dus nog 16 weken de tijd.

Anniek de Ruijter, voorzitter proefprocessenfonds Clara Wichmann: ‘De CRvB heeft in deze procedure wel betekenis aan het CEDAW alsmede rechtstreekse werking toegekend aan het VN Vrouwenverdrag, dit in tegenstelling tot de Hoge Raad. Dankzij onze gezamenlijke jarenlange inspanningen is thans een einde gekomen aan deze zaak. Het recht heeft alsnog gezegevierd.’

Leontine Bijleveld, Vereniging voor Vrouw en Recht: ‘Dit betekent dat de Nederlandse regering niet zomaar een uitspraak van het CEDAW naast zich neer mag leggen. Het is bovendien een wake-up-call voor de Nederlandse rechters. Die zullen toch beter hun huiswerk moeten doen en zich moeten verdiepen in het VN Vrouwenverdrag.’

Irene van Hest, FNV Zelfstandigen: ‘Ons lid heeft samen met de andere vrouwen jarenlang gestreden voor deze uitkering. De weg ligt open voor alle zelfstandige vrouwen die in deze periode bevallen zijn om straks alsnog bij het UWV een uitkering aan te vragen.’

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
Bosch Advocaten, Derk Domela Nieuwenhuis, advocaat, 06-51153571
FNV Zelfstandigen, Irene van Hest, 06-83892981
Proefprocessenfonds Clara Wichmann, Margreet Hemmes, bestuurslid, 06-10520389
Vereniging voor Vrouw en Recht, Leontine Bijleveld, 06-29548029

Drie van de betrokken zelfstandigen zijn beschikbaar voor interviews. Ze zijn woonachtig in respectievelijk De Bilt en Amsterdam. Neem hiervoor contact op met FNV-persvoorlichter Danielle van Essen, 0653795857

Verslag bijeenkomst Women’s Access to Justice, 1 juni 2017

In samenwerking met het Netwerk VN-Vrouwenverdrag en UvA leerstoel sociale rechtshulp organiseerde de VVR op 1 juni een themabijeenkomst over Women’s Access to Justice.

Aanleiding was CEDAW General Recommendation 33 on women’s access to justice (Algemene Aanbeveling 33 van het VN-Vrouwenrechtencomité over toegang voor vrouwen tot het recht). Doelstelling was nagaan of GR 33 aanknopingspunten biedt voor beleid en praktijk in Nederland.
Met een kleine 35 deelnemers was de zaal in de Oudemanhuispoort in Amsterdam nagenoeg vol. Er bleken zeker aanknopingspunten voor beleid en praktijk te zijn. Een link naar een uitvoerig verslag in PDF vindt u hieronder:
Verslag Women’s Access to Justice

Is geweld tegen vrouwen een genderprobleem? Oratie Renée Römkens 3 maart 2017

In oktober 2016 is VVR-lid Renée Römkens, directeur van Atria Kennisinstituut voor Emancipatie en Vrouwengeschiedenis, benoemd tot bijzonder hoogleraar Gender Based Violence aan de aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam (UvA). Het gaat om een nieuwe leerstoel die is ingesteld door de UvA in samenspraak met de Raad van Toezicht van Atria.
In haar intreerede op 3 maart presenteerde Römkens een historisch overzicht: Bestemd voor binnenlands gebruik: de invloed van vrouwen- en mensenrechtenbeweging op debat en aanpak gender gerelateerd geweld.

CRvB: verlengd bevallingsverlof ook mogelijk na aan bevallingsverlof opgenomen vakantieverlof

Een docente was na afloop van het ‘gewone’ bevallingsverlof nog onvoldoende hersteld om haar werkzaamheden te hervatten, maar de werkgever had haar op dat moment niet ziek gemeld om in aanmerking te komen voor de verlengde bevallingsuitkering. De docente had namelijk conform de cao Voortgezet Onderwijs eerst haar vervangende vakantie genoten (de bevalling had plaatsgevonden tijdens de onderwijsvakantie). Na afloop van de vakantie meldde de werkgever haar alsnog opnieuw ziek, aangezien de docente nog niet in staat was haar werkzaamheden te hervatten. De werkgever beoogde de eerste uitkeringsdag te laten samenvallen met de datum van de (verlate) ziekmelding. De Centrale Raad van Beroep oordeelde op 17 oktober 2007 dat de werkgever correct had gehandeld en dat het UWV de uitkering ten onrechte had geweigerd. ECLI:NL:CRVB:2007:BB5922